Historisch land van Dendermonde

In de tweede helft van de 9de eeuw teisterden de Noormannen West-Europa. Ze vielen onze gewesten binnen via de Schelde en haar bijrivieren. In 851 verwoestten ze de Gentse Sint-Baafsabdij. Vandaaruit plunderden ze de rest van Vlaanderen en Brabant gedurende enkele decennia. In Wetteren is in 1953 een houten dubbele dierenkop uit deze tijd gevonden.

In 891 leden de Noormannen een zware nederlaag bij Leuven. Het jaar daarop bliezen ze definitief de aftocht. Plaatselijke heren in Vlaanderen en Brabant maakten van dit tijdelijke machtsvacuüm gebruik om hun (territoriale) macht uit te breiden, vaak ook ten nadele van de verlaten abdijen. Het was de start van de groeiende macht van het graafschap Vlaanderen in West-Francië. De heren van Dendermonde wisten hun domein eveneens uit te breiden. Wenemar, de eerste die als heer van Dendermonde gekend is, nam in de eerste helft van de 10de eeuw de Sint-Baafsgoederen in Lebbeke en Moorsel in beslag.

Land van DendermondeNa 940 herstelde de graaf van Vlaanderen, Arnulf I, de Sint-Baafsabdij. Verschillende goederen werden haar teruggeschonken. De juridische macht over de abdijgoederen kwam in wereldlijke handen. Voor de Brabantse bezittingen van de abdij traden de heren van Dendermonde op als voogd. Zij beschikten toen dus al over voldoende financiële en militaire macht.

Geleidelijk aan beschouwden de voogden de domeinen van de abdijen als persoonlijk bezit en lijfden deze soms effectief in bij hun eigen domein. Robrecht, heer van Dendermonde tussen 1019 en 1030, usurpeerde het Sint-Baafsdomein te Grembergen.

Na de dood van graaf Arnulf I in 965, stortte het grafelijk gezag in het gebied tussen Gent en Antwerpen (grosso modo het Land van Waas) tijdelijk in. De heren van Dendermonde profiteerden daarvan om ook langs de linkeroever van de Schelde stukken land in te palmen.

Samen met de markgraven van Antwerpen en Ename en de heren van Bornem, verdedigden ze voor de Duitse keizer de westelijke grens van diens rijk. Toch kreeg de graaf van Vlaanderen in 1047 West-Brabant in handen, toen hij de graaf van Henegouwen steunde in diens strijd tegen de Duitse koning. West-Brabant omvatte de Landen van Aalst, Dendermonde en Bornem. Het wordt Rijks-Vlaanderen genoemd.

De graaf van Vlaanderen bond zijn nieuwe leenman, de heer van Dendermonde, aan zich door de heerlijkheid Dendermonde te verheffen tot pairie. Pairs hielpen de graaf bij de verdediging van de grenzen van het graafschap. Alle pairs samen konden recht spreken over hun gelijken en over de graaf. Tegen het midden van de 13de eeuw was de rol van de pairs uitgespeeld.

De heren van Dendermonde hadden juridische macht over de stad en het Land van Dendermonde en over enkele gebieden erbuiten, bijvoorbeeld in het Land van Aalst, in het Brugse Vrije en de kasselrij Oudenaarde. In het Land van Dendermonde waren er parochies waarover de heer zelf de rechtspraak uitoefende (Zele, Hamme…), parochies waar de rechtspraak in handen was van zijn leenmannen (Kalken, Laarne, Wetteren, Schellebelle…) en parochies die onder kerkelijk gezag vielen (Appels).

Behalve de voogdij over de Sint-Baafsabdij hadden de heren van Dendermonde ook de heerschappij over de Schelde tussen Gent en Dendermonde. Tot het einde van de 18de was de Stad ende Land van Dendermonde een middelgrote heerlijkheid tussen de Schelde en de Dender. De zetel bevond zich op de burcht van Dendermonde, waar vandaag het gerechtsgebouw staat. De heerlijkheid werd bestuurd door een baljuw en zeven schepenen, in naam van een heer. Deze heer behoorde aanvankelijk tot de familie Van Dendermonde, die in de tweede helft van de 12de eeuw met Walter II uitstierf. Diens achterkleindochter Mathilde bracht het Land van Dendermonde als bruidsschat mee toen ze huwde met Gwijde van Dampierre, graaf van Vlaanderen. De heerlijkheid zou daarna steeds binnen de grafelijke familie blijven en toebehoren aan de opeenvolgende vreemde vorsten die Vlaanderen hebben overheerst.

Nadat onze gewesten vanaf 1795 door het revolutionaire Frankrijk werden geannexeerd, veranderde de samenleving grondig. De vroegere feodale en territoriale structuren verdwenen ten behoeve van nieuwe geografische en bestuurlijke indelingen. De oude heerlijkheid en het Land van Dendermonde behoorden tot het Scheldedepartement, de latere provincie Oost-Vlaanderen. De departementen werden op hun beurt onderverdeeld in municipale kantons. Zo ontstonden op het grondgebied van het oude Land van Dendermonde de kantons Dendermonde, Hamme, Lebbeke, Overmere, Wetteren en Zele. De kantonmunicipaliteiten bleven in gebruik tot 1799. Elke lokaliteit waarvan een municipale beambte in het kantonbestuur zetelde, werd een autonome gemeente. In 1800 werden wel nog administratieve arrondissementen opgericht. De oorspronkelijke kantons kregen in 1800 een nieuwe bestemming als gerechtelijke eenheid. Tot 1963 bleef het gerechtelijk arrondissement geografisch gelijk.

Land van Dendermonde ≠ Erfgoedcel Land van Dendermonde

De Stad ende Land van Dendermonde omvatte enerzijds de stad Dendermonde en 18 parochies daarbuiten (Hamme, Zele, Kalken, Overmere, Uitbergen, Berlare, Laarne, Grembergen, Moerzeke, Wetteren, Schellebelle, Sint-Gillis met Zwijveke, Denderbelle, Sint-Umaars-Baasrode met Vlassenbroek, Lebbeke en Opwijk).

Het werkingsgebied van de Erfgoedcel Land van Dendermonde komt dus grosso modo, maar niet helemaal overeen met het oude Land van Dendermonde. Dit geldt ook voor het huidige bestuurlijke arrondissement. Toch verenigt de Erfgoedcel Land van Dendermonde geografisch gemeenten die ergens ook historisch met elkaar verbonden zijn.